Musketiers – Musketiers

Waardering

8

9

Als de aller- aller- allerbeste zangers van Nederland gaan samenwerken en een supergroep vormen, krijg je de Musketiers. Bertolf Lentink, Daniel Lohues, Paskal Jakobsen en Paul de Munnik namen als kwartet een album op, waar de muzikaliteit en de broederschap vanaf spat. Ze gaan ook de theaters in. Niet als 4 muskieters maar 3. Helaas zonder Daniel Lohues, want die had eerder wel tijd, maar toen corona roet in het eten gooide klopte de planning niet meer. Maar dan heb je hem gelukkig nog wel op het album. Vier topstemmen en een gecombineerde fanbase van waarschijnlijk 17 miljoen mensen lijkt een formule voor een succes waar de hitparade van gaat rammelen. De harmonieën en meerstemmigheid zijn als een warm bad, maar de mix van vier hele lekkere luchtjes leidt niet perse tot één supergeur. Dat op ieder liedje een geur overheerst, maakt van Musketiers wel een spannende mix.

Het lijkt erop dat de mannen juist hebben willen afwisselen tussen doen wat er verwacht wordt, en een keertje buiten de hokjes denken. De eerste track bijvoorbeeld, Weg Van Alles, ademt de sfeer van BLØF, ook omdat er minstens vier liedjes van de band zijn waarin Paskal Jakobsen over een of meerdere koffers zingt. Maar er is ook: Ik Weet Niet Eens Meer Wie Ik Ben, een ballad van Daniel Lohues, die ineens grotendeels in ABN zingt. Sommige tracks leggen laag op laag op laag in meerstemmigheid, zoals Jij Van Mij.  En in Bijna Thuis zingen de meest muzikale mannen van Nederland gezamenlijk een zacht slaapliedje. Musketiers is dus een album vol afwisseling tussen inzet van alle kracht, en een beetje buiten de lijntjes kleuren. Maar toch voldoet het ook volop aan de verwachtingen, want mocht je erg houden van akoestische gitaren, dan spatten de intensiteit van Daniel Lohues en de muzikaliteit van Bertolf soms je speakers uit.

Met zoveel smaken in een band wil je soms graag weten wie wat heeft bijgedragen. Soms is dat heel duidelijk. Bijvoorbeeld als in het lied Alles Komt Terecht, deze titel lijkt rechtstreeks uit het hart van Daniel Lohues te komen. Soms hoor je hoe de vier zangers gezamenlijke ervaringen met presteren en aandacht hebben gedeeld. Bijvoorbeeld het prachtige lied De Duistere Passagier, waarin de mannen onzekerheid als vijfde lid van de Musketiers introduceren. ‘Hij is er ook bij als je schrijft aan een lied/Hij is de eerste die schreeuwt: dit is helemaal niets/Hij zeurt maar krijgt zelf nooit een zin op papier/Hij zaait angst en twijfel is  nergens voor in/Fuistert; dit allemaal heeft geen enkele zin/Verpest elk feest, vergalt al je plezier, altijd zit hij hier/De duistere passagier.’ Ergens in een huisje, met een piano op een standaard en de gitaren op schoot, is de ervaring van topartiesten een wijze les geworden in deze track. ‘Geef hem niet het woord/Negeer zwijgend dood/Laat hem nooit de baas worden in je hoofd.’

Met zoveel aansprekende karakters, en zoveel talent in één groep, regent het vragen tijdens het luisteren van dit album. Wie is Lea? Van wie kreeg ze haar eigen liedje van dit viertal, en wie wil haar meegeven: ‘Laat ze maar, later komt het allemaal goed/Achter die diep donkere wolken in jou/Schijnt toch het licht van een prachtige vrouw?’ Wie wacht er op wie in het lied Licht Boven Jou? Want het liedje gaat over de Amsterdamse Melkweg, maar bevat ook zinnen die alleen uit Overijssel of Drenthe kunnen komen (‘Er was geen kroeg meer los’). Heel soms gaat het zingen van om-en-om een zinnetje wel een beetje vervelen. Aan de andere kant is het ook bij wat mysterieuze liedjes als Duistere Passsagier leuk om herken-de-stem te spelen. En als je Bertolf zijn media een beetje volgt, weet je dat de vier zangers met regelmaat samenkwamen ‘in een huisje’ om te praten, te eten, te schrijven en te spelen. Dus je voelt je toch een beetje een vlieg op de muur bij een groep toptalenten, die je meenemen in hun hersenspinsels.

Van Musketiers hoorden we al de singles Het Wordt Toch Niet Beter dan Dit, Noordeloos en Terug naar de Baai. Het is te hopen dat Dan Donder Je Maar Op, een speelse ultra-korte opname van De Munnik en Jakobsen met een vrolijk koortje van waarschijnlijk Bertolf en Lohues, nog als single verschijnt. Want ook al is er bij deze vier zangers altijd wel eentje die je graag poëtische teksten hoort zingen, de tekst: ‘Ik heb een dikke huid/Ik laat me niet kisten/Niet kuisen verplichten, onnodige ruis/Ik ben de moeilijste niet/Ik wil je best helpen/Maar als je wilt zeuren en zagen en zuigen en zeiken/Dan donder je maar op’, is wel lekker verfrissend. En breng ook graag een live-opname van een optreden in Noordeloos uit. Een plaatsje dat de mannen nu alleen nog maar kennen van de filemeldingen, maar wel de inspiratie vormde voor een van de mooiste liedjes van het album.