Blood Orange – Essex Honey

Blood Orange Essex

Waardering

8

Of het toeval is of niet, in de recente weken heeft post-, experimentele of alternatieve soul/R&B een flinke impuls gehad met de release van twee albums, allebei van hoge kwaliteit. Een van die twee is Essex Honey van Blood Orange. Na zeven jaar heeft Devonté Hynes, met de medewerking van een scala aan artiesten en producers, eindelijk weer eens een nieuw album uitgebracht.

Alles wat dit album onderscheidt van standaard R&B balt zich al samen in de eerste twee tracks. In Look At You komen en gaan ondefinieerbare beats, aangevuld met omfloerste synthesizers, piano en sax. Spoken word als intermezzo en dan een afronding met lijzige zang. Heel veel anders wordt het niet in Thinking Clean dat zich onder een knisperend ritme voortbeweegt met op de piano ingezette akkoorden. Dan, opeens, een overgang naar een heerlijk jazzy setting die al stuwend abrupt eindigt met een vervormde alt-cello.

Het is niet de enige track die zo abrupt eindigt, ook Somewhere in between (met sax en mondharmonica), Vivid Light en The Train (Kings Cross) overkomt hetzelfde. Alsof Hynes eigenlijk niet goed lijkt te weten hoe hij een einde moet maken aan composities die op zichzelf al een caleidoscopische samensmelting zijn van diverse muziekstijlen en waar hij, toch hopelijk wel bewust, kiest voor deze vorm van ondefinieerbare interludes.

De single The Field is al eerder besproken op Nieuweplaat. De inbreng van Caroline Polacheks fraaie stem in dit nummer is overduidelijk, maar zij is minder nadrukkelijk aanwezig in Mind Loaded waar juist Lorde alle aandacht opeist aan het einde van de track. Het repeterende frivole zangladdertje ‘”Musil” in my brain/Help me on my way’ zal echter ook niemand kunnen ontgaan. Net als de weer even plotselinge interlude, nu in de vorm van een piano.

Snerpende gitaren verrassend gebruiken aan het einde van het voortkabbelende The Train (King’s Cross) en dan laten terugkeren in Scared of It. Of in I Listened bossa nova omtoveren naar een poppy track; niets is onmogelijk, alles kan en het bijzondere aan dit album is dat het ook allemaal goed uitpakt.

In het album Essex Honey reflecteert Hynes op het overlijden van zijn moeder en zijn soms eenzame opgroeien in Essex, treffend geïllustreerd met de albumhoes. Die droefheid uit zich eigenlijk alleen doordat nummers niet uitgesproken vrolijk of uptempo zijn en eigenlijk veel meer in de teksten, zoals bijvoorbeeld in Westerberg. Uiteindelijk is het album een potpourri aan low-fi soundscapes, indiepop, lichte drum ’n bass, experimentele jazz, en ja, wat eigenlijk niet. Een album, kortweg, dat je prima zou kunnen opzetten als heerlijke achtergrondmuziek.

Maar daarmee doen we de fabelachtige kwaliteit toch echt meer dan tekort. Essex Honey komt namelijk pas echt tot leven als je het aandachtig en vooral op hoog volume luistert op je koptelefoon. Pas dan slaat de verwondering van steeds weer nieuwe ontdekkingen, nieuwe geluiden en onverwachte instrumenten toe. Essex Honey is daarmee ongelofelijk knap in elkaar gezet en geproduceerd wat ervoor zorgt dat een – op het eerste gehoor – onsamenhangende verzameling van (fragmenten van) composities op wonderbaarlijke wijze beklijft en met elke luisterbeurt groeit.

I Can Go, met hemelse zang van Mabe Fratti, is een treffend slotakkoord. ‘Mission accomplished’ voor deze onvolprezen multi-instrumentalist en producer.