Een geweldige live-reputatie om u tegen te zeggen, optredens op de gigafestivals Pinkpop en Rock Werchter en twee Edison-nominaties. Wat heeft het op het Conservatorium van Amsterdam – waar het eigenlijk een zijprojectje van frontvrouw Abir Hamam was – ontstane Hiqpy niet? Ohja, een album. Maar daar komt vrijdag (10 april) verandering in. Een van de van tevoren meest gehypete debuutplaten uit de recente Nederlandse muziekgeschiedenis arriveert dan eindelijk: Slow Death Of A Good Girl.
Die plaat kent een knallende aftrap, zoals de vier tot dusver eigenlijk overal binnen knallen. Debuutsingle Something begint nog rustig, maar bouwt naar een werkelijk waar zinderende climax toe, waar Hamam haar vocale klasse ten toon spreidt, terwijl gitarist Victor ter Veld er een fijne solo uit perst. Bassist Tom Radsma en drummer Kasper de Boer vertolken meer een rol op de achtergrond, maar zijn niet minder belangrijk binnen het functioneren van de band.
Hiqpy toonde met de singles Red Flag Magician, Girl In Red en Youman al aan een passend vervolg te kunnen geven aan de zinderende entree en daar stopt het niet. Sterker nog, dankzij Vibes Under Arrest en Cruel Code kan je zonder blikken of blozen beweren dat de beste songs voor het album zijn bewaard. Al is bewaard niet helemaal het juiste woord, aangezien ze al tijden in de live-set van de band zitten.
Hoe het ook zij, ze zijn geweldig. Vibes Under Arrest heeft een speelser eerste deel, waarna er een kantelpunt in de song komt en er naar een heerlijk chaotische en raggende finale wordt toegewerkt. Cruel Code groeit ondanks een rustige aanvangsfase uit tot een onvervalste knaller vol volume, waarmee je zelfs stadions plat speelt. Het is bijna ongeloofwaardig dat deze parel al tijdens de eerste concertjes van de Popronde op de setlist stond. ‘Would it make a difference?/Could it change the world’, zingt Haman eerst behouden en kalm, dan groots en meeslepend.
Zwakke punten kent Slow Death Of A Good Girl eigenlijk niet. De tekst op Hedgehug is niet de meeste creatieve met veel ‘tu-du-tu’, maar veel maakt dat niet uit als je de muzikale omkadering zo sterk maakt. Het basintro doet qua sfeer denken aan een nog wat donkerdere variant Estranged van The Ting Tings, waarna er later in het nummer ruimte is voor iedereen om instrumentaal een duit in het zakje te doen.
Dat gebeurt zeker ook op Bowie’s Pressure, dat op momenten flirt met het te haastige, maar verder net zo sterk is als de rest van het pak. Voor zowel The Building als Nothing vertraagt Hiqpy het tempo juist flink, maar ook dat doet het kwartet voortreffelijk en op twee totaal verschillende manieren. The Building kent een stevig en stampend slot, waar Nothing een heel open sound heeft die in de laatste minuten nog eens bevrijdend openbreekt.
Het is dus niet gek dat Hiqpy wat parels voor Slow Death Of A Good Girl heeft bewaard, want in feite had het er ook gewoon twaalf in de tas. Dit ‘zijprojectje’ groet de Nederlandse muziekelite als een gelijke en lijkt vertrokken voor iets veel groters.
