Sinds 2021 verschenen er een handjevol singles en een EP, nu is daar het officiële debuutalbum van het Londense Modern Woman, genaamd Johnny’s Dreamworld. Het opent met ratelende gitaar en ‘spoken word’ in de traditie van haar landgenoten van Dry Cleaning. Maar die referentie vervliegt net zo snel als het kwam, want frontvrouw Sophie Harris’ stem is veelzijdiger dan die van Florence Shaw. De band is lastig te categoriseren aangezien het soepel switcht tussen artrock, postpunk, chamberpop, en darkfolk. Ook grijpt de band hier en daar terug naar de jaren tachtig punksound van bands als Blondie en Siouxsi and the Banshees.
Botsingen van stijlen blijkt een terugkerend thema van de band die graag de tegenstelling van hard én zacht, ruw én gepolijst onderzoekt. Offerings bijvoorbeeld varieert van zeer stevig naar bijna a-cappella.
Killing A Dog leunt daarentegen lichtjes op de melodielijn van Airbag van Radiohead. Lekker is het moment waarop de viool aan flarden geblazen wordt door een beukend gitaar, bas en drum trio.
Modern Woman ontstond in eerste instantie als duo, toen Harris alleen een violist zocht voor bij haar spoken-word performances, en die vond in de persoon van David Denyer. Niet veel later werd de band alsnog een kwartet toen ‘roomies’ Juan Brint-Gutiérrez (basgitaar én saxofoon) en Adam Blackhurst (drums) zich bij Harris en Denyer voegden. Wie de niet te missen gitaar speelt, wordt merkwaardig genoeg nergens vermeld.
Harris heeft een uitstekende stem die rustig, melodieus, soms bijna opera-esque als Nina Hagen of geëxalteerd als Abigail Morris van Last Dinner Party is. Ja, ook uit London.
De track Daniel is het rustpunt op de plaat met violen en aanzwellende maar net niet tot uitbarsting komende vocalen. Afgestudeerd in de literatuur schrijft Harris verhalend, zo niet filmisch. De tekst van Daniel schreef ze aan een meer waar ze vroeger graag kwam. Maar in plaats van een nummer over je ergens comfortabel voelen en vol herinneringen, heeft de tekst juist iets umheimisch: ‘But I saw Daniel swimming from the rocks / Thought it was him / Though it isn’t like him / I was surе I saw him swimming from the rocks / And I thought then that I could raise the dead’. Mogelijk refereert ze hier, net als op Neptune Girl aan sterfelijkheid gezien door de ogen van een kind aangezien ze op jonge leeftijd een speelkameraadje verloor.
Dashboard Mary is een kort verhaal over ‘the day after the night before’, waarin ze beschrijft spontaan bij haar nieuwe vlam in de auto te stappen en te vertrekken, maar dat beiden al snel, als de drank is uitgewerkt, twijfelen of dit verstandig was: ‘And the man came hardly talking / When he quietened from the passions of gin / She thought that he was regretting / Cause his hands on the wheel were blue’. De track vliegt tegen het einde met een geluidsuitbarsting geweldig uit de bocht.
De albumtitel Johnny’s Dreamworld refereert aan de impact van kunst op het onderbewustzijn, dat het je gedachten op plaatsen kan brengen die je niet eerder onderzocht hebt. Filosofie is Harris niet vreemd.
Modern Woman heeft verschillende invloeden tot een eigen geluid weten te smeden. Dat dat soms nog wat alle kanten opstuitert, is iets om bij een volgend album aan te sleutelen.
