Met The Weight of the Woods kiest Dermot Kennedy voor een meer ingetogen en reflectieve aanpak. Waar zijn eerdere werk vaak draaide om grote refreinen en volle producties, voelt deze plaat meer als een verzameling losse gedachten en momenten. Het zijn observaties die voorbijgaan, maar toch blijven hangen. Kennedy blijft herkenbaar door zijn stem, maar klinkt hier kwetsbaarder en minder gepolijst, alsof de nummers direct uit een eerste ingeving komen.
De nummers bewegen zich tussen folk, pop en lichte indie-invloeden, met veel aandacht voor sfeer en tekst. In The Weight of the Woods (Reprise) wordt meteen een filmische toon neergezet, met orkestrale lagen die doen denken aan Bon Iver. Toch blijft het dichtbij de kern van Kennedy’s muziek: gevoel staat voorop. Honest is een van de meest directe nummers. Het voelt voortstuwend en open, met regels als ‘I raced headfirst’ en ‘you’ve been out all night chasing dogs and ghosts’ die de onrust en het verlangen naar verbinding goed laten horen.
In Refuge kiest Kennedy voor een rustigere aanpak. De akoestische instrumentatie en het tempo geven het nummer een warme, bijna kampvuurachtige sfeer. Regels als ‘promise I won’t let you break’ en ‘the memories don’t have to be perfect’ laten een zachte en zorgzame kant horen, waarin liefde en verlies dicht bij elkaar liggen. Funeral vormt daarna een duidelijk contrast. Het nummer voelt als beweging en vooruitgang, met een spanning tussen afscheid nemen en doorgaan.
Het middenstuk van het album blijft grotendeels ingetogen. Endless is een van de meest kwetsbare momenten, waarop Kennedy het verdriet bijna tastbaar maakt. De tekst voelt direct en niet helemaal af, alsof de gedachten nog niet helemaal gevormd zijn. Sycamore legt meer nadruk op sfeer dan op inhoud, terwijl Often, Lately weer teruggrijpt op persoonlijke herinneringen en een herkenbare melodie.
Richting het einde wordt de plaat iets toegankelijker. Wasted en Turnstile leunen meer richting pop, met melodieën die makkelijk blijven hangen zonder de emotionele kern te verliezen. In Blue Eyes experimenteert Kennedy met falsetto en gelaagde zang, wat zorgt voor een dromerige sfeer. The Only Time I Prayed en Happiness zijn emotioneel zwaar, met piano en strijkers die de nummers extra kracht geven.
De afsluitende titeltrack The Weight of the Woods voelt als een rustige afronding. De compositie is simpel en gedragen, met regels als ‘let me add to the weight of the woods’ die de thematiek samenvatten: het meedragen van herinneringen, verlies en liefde.
The Weight of the Woods is geen groots of opvallend album, maar juist een persoonlijke en rustige plaat. Dermot Kennedy kiest voor sfeer en gevoel boven impact, waardoor het soms fragmentarisch aanvoelt, maar wel dicht bij zijn emotie blijft.
