The Linda Lindas – Gotta Get Out

Waardering

8

7

Ineens waren ze daar in 2021, als een luidruchtig punkduveltje uit een doosje: The Linda Lindas. Spelend in de bibliotheek van Los Angeles, met een jongste bandlid van amper tien jaar oud. Op hun derde album Gotta Get Out, hun eerste voor label Reprise, is te horen dat ze sindsdien niet hebben stilgezeten. 

De vierkoppige band begint sterk met de titeltrack Gotta Get Out. Het nummer heeft een industriële sound en de gitaristen spelen een strakke, dansbare groove. Het klinkt precies zoals je verwacht van jonge vrouwen, die zich niet gehoord voelen in een wereld die door een eerdere generatie is ingericht: een ode aan de eigenzinnige vrouw die de uitgang zoekt uit de eeuwig saaie status quo. 

Daarna wisselen zwakkere en sterkere tracks elkaar af. Burning Out is een rauwe popballad in de stijl van Avril Lavigne, maar de gitaren halen hier niet de decibellen die bij een schreeuw om hulp passen. Ook de teksten laten te wensen over, een euvel dat terugkomt bij High Horse en See You Next Time: te veel algemeenheden, en een zinsopbouw die soms niet loopt. Door een zin als ‘I pass the time with not a lot’ zou elke docent Engels een dikke streep zetten. 

Gelukkig pakken The Linda Lindas daarna weer door met hun bread-and-butter: punk. In Helado de Limón klinkt de maffe metafoor van verdrinken in citroenijs. Begeleid door rebelse gitaren blijkt de naam van een oude geliefde al van de menukaart verdwenen. Een heuse break-upsong waar je honger van krijgt. 

Bij Blood On Our Hands weet de luisteraar het zeker: deze vrouwen zijn boos, en niet zomaar. In één minuut vijftig leggen ze kort en bondig uit waarom jij dat ook zou moeten zijn, en dat lukt. Of je het er nu mee eens bent of niet, naar deze boosheid word je bijna gedwongen te luisteren. 

Op Closer schuift de band het verst weg van die bibliotheek. Hayley Williams van Paramore komt langs voor een duet over een stuwende gitaarpartij. Geen toeval, want Carlos de la Garza, vader van twee van de bandleden, produceert beide bands. Het is het duidelijkste bewijs dat The Linda Lindas geen bibliotheekbandje meer zijn. 

Dat een dansje en alarmisme prima samengaan, bewijst Nothing Left. Over de opwarming van de aarde klinken al decennia alarmbellen, en de band zet er een gitaargroove onder waar je bijna wel op móet bewegen. De grote groep mensen die de urgentie nog niet voelt, moet wakker worden voordat er straks ‘nothing left’ is. De duidelijke thematiek en de dansbare energie maken dit de sterkste track van de plaat. 

Break levert nog een flinke dosis headbangen op en I Could Be Wrong is een echte pop-punksong uit de jaren 2000, maar dan twintig jaar later. Dat de plaat daarna uitdooft, is jammer. Everybody Told Me duurt te lang voor een nummer zonder pakkende hook en Okay mist een overtuigende vocale performance. 

Dit derde album laat zien dat de band precies heeft gedaan wat het debuut Growing Up aankondigde: de leden zijn niet alleen zelf opgegroeid, hun sound is met ze meegegroeid en klinkt volwassener en robuuster. Het enige dat hetzelfde is gebleven, is de woede tegen alles wat in hun ogen niet deugt. Ze zijn luid, en als je ze iets aandoet, laten ze je zonder blozen verdrinken in citroenijs.